Bestrijding van armoede in de wereld:
Economie, spiritualiteit en politiek

 

Wouter van Ginneken

Ravenstein, 11 April 2015

 

Overzicht

 

  1. Wat is armoede, wie zijn er arm en waar (in de wereld en in Nederland)?
  2. Wat kun je er aan doen? Een menswaardige en duurzame economie.
  3. Welke spiritualiteit?
  4. Wat nu? Aanzet tot actie.

 

1.1 Armoede in de wereld: wat, wie en waar?

 

Wat is armoede?  Onvoldoende inkomen om rond te komen, maar ook onvoldoende toegang tot essentiλle sociale voorzieningen, zoals gezondheidszorg, onderwijs, voedselvoorziening, behuizing, water en sanitaire voorzieningen

Op wereldniveau is de absolute armoedegrens  1.25USDollar per persoon per dag.

•         Tussen 1990 en 2015 is de armoede met 700 miljoen verminderd.  Er zijn nog steeds 1.4 miljard mensen, die in armoede leven

(20% van de wereldbevolking). 

Toegang tot essentiλle sociale voorzieningen is verbeterd tussen 2000 en 2015

•         Het aantal mensen, die honger hebben, is afgenomen, maar is nog steeds 800 miljoen.

•         Het aantal kinderen, dat niet naar de lagere school gaan, is nu ongeveer 60 miljoen.

•         Het aantal mensen met toegang tot watervoorziening is toegenomen met 2,3 miljard, maar nog steeds 700 miljoen mensen moeten het zonder doen.

Wie en waar?

•         Landen met lage inkomens (Afrika bezuiden de Sahara, enkele landen in Zuid-Amerika en Aziλ).

•         Op het platteland lagere inkomens en minder voorzieningen. (China, India, Afrika bezuiden de Sahara)

•         Daklozen, migranten, minderheidsgroepen, eenoudergezinnen (vrouwen).


 

1.2          Armoede in Nederland

 

·        Druk woonkosten hoog in de grote steden

 

2.  Bestrijding van armoede in de wereld

 

1.      Van de Millennium Ontwikkelings-Doelstellingen (MOD, 2000-2015) naar de Duurzame Ontwikkelings-Doelstellingen (DOD, 2016-2030).

2.      Een menswaardige en duurzame economie.

•         Gebaseerd op mensenrechten (sociale en economische; burger- en politieke; collectieve rechten)

•         Concentreren op landen met lage inkomens (handel; investeringen; schuldafwikkeling; ontwikkelingshulp).

•         Minder ongelijkheid (inkomen/vermogen; man-vrouw);  meer staatsinkomsten (rechtvaardige belastingheffing)

•         Duurzame economische groei en werkgelegenheid (landbouw, infrastructuur, industrialisatie, economische politiek).


 

 

3.    Welke spiritualiteit?

 

·         Katholiek: “over de hele”.  Universeel. We zijn allemaal broers en zussen, kinderen van God. “We are all God’s children” (Paus Franciscus, Filippijnen, Jan.2015). (https://www.youtube.com/watch?v=m56uRRoJvdU)

·         Persoonlijke betrokkenheid.  Begrijpen wat er omgaat in mensen, (die in armoede leven).  Je informeren over (en je inzetten voor) je eigen gemeenschap en eventueel over de macro-situatie (religie, economie, politiek).

·         Independentie. Ik kan niet in mijn eentje de hemel verdienen.  Milieu, vrede en welvaart kunnen alleen samen bereikt worden.

·         Visualisering (goede uitkomsten projecteren en naar toe werken), enthousiasme (“en Theos”), gevoed door meditatie (en zingen).

 

 

4.    Wat nu?
Aanzet tot actie

 

•         Wie is verantwoordelijk?  Iedereen; alle  landen; economie; en samenleving.

•         Wat kan ik doen? Ik, in mijn gemeenschap, mijn land, mijn Kerk, mijn EU en mijn VN.

•         Wat kan onze groep doen? (schrijven naar Minister Ploumen, Hans Jansen (Europarlementariλr, PVV), Paus Franciscus, Ban Ki-Moon?)