Elsevier: 19 Juli 2008
Ongeloofwaardige pater
In de vele lofzangen op de overleden Jan van Kilsdonk ontbreekt één constatering: de pater maakte de rooms-katholieke kerk te schande.
Alleen al vanwege de uitvaart zou je katholiek willen worden. Met enige jalouzie kijken nogal wat buitenstaanders naar de schoonheid van de plechtigheid waarmee roomsen afscheid nemen van hun dierbaren. Latijnse gezangen, wierook, imponerende gewaden, byzondere rituelen en dat allemaal in een -doorgaans- oude en sfeervolle kerk.
De op 1 juli overleden Jan van Kilsdonk is zelfs twee keer met pracht en praal uitgezwaaid. Eerst was er op zondag 6 juli een langdurige avondwake in de Oude Kerk in Amsterdam. Een byzondere plek, want daar kreeg de pater in 1995, toen hij zijn gouden jubileum vierde, onder het goedkeurend oog van burgemeester Schelto Patijn de eretitel “priester van Amsterdam”. En een dag later was er in de hoofdstad een mis in de overvolle Dominicuskerk. In een interview met de Volkskrant had de populaire priester het al in 1994 gezegd: 'Je kunt, nee, je moet, van de katholieke kerk al het slechts zeggen wat er maar bestaat, en dat is ook zo, maar het is de enige kerk in West-Europa die kan begraven.'
Dat was eigenlijk een rare opmerking. Een priester, die zegt dat je van de kerk veel slechts moet zeggen? Hierin schuilt meteen ook het probleem met Van Kilsdonk, die vooral in progressieve kringen veel krediet opbouwde met zijn werk als studentenpastor. Geboren in 1917 in het Noord-Brabantse Zeeland, waar nu een standbeeld van hem staat, koos hij als zeventienjarige knaap voor de orde van jezuïeten. De studieuze jongeman kreeg later de gelegenheid om in Rome theologie te gaan studeren, maar liet deze kans lopen. Liever ontplooide de Brabander zich in Amsterdam. Zijn roeping vond hij in het begeleiden van studenten, met wie hij warme contacten opbouwde. Vaak in de kroeg. Vandaar zijn bijnaam: Kater van Pilsdronk.
De katholieke studentenmoderator werd de lieveling van het roze front. Als je ziet dat in alle cultruren mannen van mannen en vrouwen van vrouwen houden, moet je daar niet moeilijk over doen, betoogde hij. Homosexualiteit is geen afwijking of stoornis, maar 'een vondst van de Schepper'. Dankbaar verleenden het COC, de Gay Krant en GroenLinks de priester, die zich ook nog zou inzetten voor aidspatiënten, allerlei onderscheidingen.
In de necrologieën die de afgelopen weken gewijd zijn aan Van Kilsdonk, kwamen geen critische noten voor. Begrijpelijk. Over de doden niets dan goeds, nietwaar? Zo is nergens opgemerkt dat de pater erg vreemd praatte. Archiefbeelden op televisie veroorzaakten menig lachbui in de huiskamer. Van Kilsdonk oreerde zo gezwollen en met zo'n overdreven dictie dat je je nauwelijks meer kon concentreren op de inhoud van zijn boodschap.
In de talrijke lofzangen ontbrak ook een andere nuchtere constatering. Namelijk dat Van Kilsdonk de rooms-katholieke kerk te schande maakte. Hij maakte er namelijk een sport van in de media uit te leggen dat er weinig deugde van de ideeën die het Vaticaan van oudsher propageert. Hij wees het verbod op voorbehoedmiddelen af, klaagde over de geestelijke terreur van Rome, sprak in denigrerende bewoordingen over de paus toen deze Nederland met een bezoek vereerde, pleitte voor de openstelling van het ambt van priester voor vrouwen en toonde zich een liefhebber van godslasteringen ('voor mij is vloeken de hoogste akte van geloof').
Mogelijkheden tot verbetering zag Van Kilsdonk niet echt. De situatie was in zijn ogen min of meer hopeloos. 'Deze ambtelijke kerk met haar structuren is eigenlijk een marginaal gebeuren en gaat langs het hart en lief en leed van de werkelijk levende mensen heen.'
Op de ideeën van Van Kilsdonk valt wellicht weinig aan te merken. Het heeft zeker waarde om een lans te breken voor gelijke rechten voor homo's en te wijzen op de problematische kanten van het celibaat en de hierarchische structuur van de kerk. Maar het is vreemd in dienst te blijven van de rooms-katholieke kerk als je het gezag van Rome niet accepteert. De progressieve pater had simpelweg moeten uittreden, dan had hij alle vrijheid gehad om zijn oud-collega's en voormalige superieuren onder vuur te nemen. Het instituut waarvoor je werkt, publiekelijk voortdurend zwart maken en ridiculiseren, is deloyaal en onfatsoenlijk. Pater Van Kilsdonk maakte zichzelf ongeloofwaardig.
Gerry van der List
Tot zover: Elsevier van 19 juli 2008
Een antwoord van Jac Lampe SJ
“De wereld is een schouwtoneel en ieder speelt zijn rol”
Pater van Kilsdonk was zeker een begaafd toneelspeler. Wij hebben dikwijls om hem gelachen, maar het is jammer als je -door de hilariteit- “nauwelijks meer kon concentreren op de inhoud van zijn boodschap. “
De inhoud van zijn boodschap was voor mij zijn diepe bewogenheid met andere mensen. Hij had een fenomenaal geheugen voor mensen en een warm hart voor ieder, die op zijn weg kwam. Hij was een liefdevolle vader, die homo's begreep en hun ouders wist te troosten. Hij was diep begaan met aids-patienten en begeleidde hen in hun afschuwelijke ziekte en dood en begroef hen met een hart vol deernis.
Hij was -met Jezus in zijn hart- diep bezorgd over het krakende schip van Petrus. Hij is niet uitgestapt en bleef zo voor mij en voor velen een begeleider in de donkere nacht van mijn eigen twijfels en ongeloof.
Als Jezuïet heeft hij de toorn van sommige medebroeders moedig en standvastig weerstaan.
Hij heeft ook vele Jezuïeten geholpen, die hun roeping wilden volgen buiten de Jezuïten-orde.
Voor velen -kerkelijken en niet-kerkelijken- was hij een voorbeeld in zijn ongeveinsde naastenliefde voor de minst-bedeelden in onze samenleving.
Het schrijven van de heer van der List heeft in mij meer opgeroepen en losgemaakt dan de vele loftuitingen, die we hebben gehoord.
Wat zou mijn eigen leven anders geweest zijn als ik een stukje had gehad van het meedogende hart van deze barmhartige samaritaan.