Testament van Tom Jacobs S.J.
Een paar dagen voor het overlijden van Pater Tom Jacobs S.J. sprak hij over zijn bezorgdheid en zijn toekomstverwachting voor het leven van de Kerk in Indonesie. Tom hoopte dat de golf van secularisme, die het leven van het geloof van de Kerk in Indonesie bedreigt, niet zal komen. Tom vatte zijn beschouwingen samen in zijn narratio met de titel: “Voorbereiding op het Eucharistisch Congres”. Mgr. I. Suharyo (aartsbisschop van Semarang) heeft hiervoor een begeleidend schrijven opgesteld, waarin hij de gedachten van Tom Jacobs het testament van het geloof van ons allen noemde.
Ter begeleiding
Toen ik Pater Tom Jacobs bezocht in het ziekenhuis ongeveer een maand voor hij naar de Heer ging, nodigde Tom mij uit om van hart tot hart te spreken als vrienden over belangrijke gedachten in zijn hart. Tom sprak zijn bezorgdheid uit over de Kerk in Nederland en hoopte dat de Kerk in Indonesie niet hetzelfde zou ondervinden, ofschoon deze staat voor dezelfde wereldwijde uitdaging. Hij noemde vooral het proces van sekularisatie met zijn ernstige gevolgen , o.a. het sekularisme. Volgt de vraag: Wat kunnen wij doen ? In het gesprek kwam een gedachte naar voren: geloofsbegeleiding langs populaire devoties, gebaseerd op een stevig geloof. Hij zag er opgelucht uit. Gedurende zijn ziekte en vooral gedurende de twee weken voor zijn dood, ontstonden de gedachten, die ik hier volledig in dit schrijven wil aanbieden. Tom legde zijn gedachten uit en dit werd opgenomen. Vervolgens werd dit uitgewerkt door Pater J.B. Heru Prakosa S.J. en voorgelezen aan Tom op 28 maart 2008 en aan mij doorgeven op Zaterdag 29 maart toen ik hem bezocht. Zijn gedachte kreeg de titel: “Voorbereiding van het Eucharistisch Congres.” Het Eucharistisch Congres voor het Aartsbisdom Semarang zal worden gehouden op 27-29 juni 2008. Toen hij mij de tekst gaf, zei hij tegen mij: “Har, dit is de samenvatting van geheel mijn geloofsleven.” Door omstandigheden heeft hij niet meer gezien dat dit geschrift verspreid werd toen hij overleed op 5 april 2008.
Ik bied u allen aan zijn volledige gedachten als erfenis of zelfs als testament van zijn geloof, tevens uit eerbied en dankbaarheid voor zijn verdiensten voor de Kerk, in het byzonder voor het aartsbisdom Semarang en in het algemeen voor de hele Kerk. Mogen deze gedachten een uitdaging voor ons allen zijn, vooral voor de priesters, die gezonden zijn als tochtgenoot op de pelgrimstocht van ons geloof.
Semarang, 8 april 2008
Ignatius Suharyo
Aartsbisschop van Semarang
Voorbereiding van het Eucharistisch Congres
Prof. Dr. Tom Jacobs S.J.
Dit is het beeld van de drie engelen, die Abraham ontmoetten, zoals verteld in het boek Genesis 18,1-10:
“Daarna verscheen de Heer hem bij de eik van Mamre. Eens toen hij op een hete middag in de opening van zijn tent zat, en zijn ogen opsloeg, zag hij drie mannen voor zich staan. Zodra hij hen zag, liep hij hen aan de tentingang tegemoet, boog zich ter aarde en sprak: Heer als ik genade gevonden heb in uw ogen, ga dan uw dienaar niet voorbij. Sta mij toe, wat water te laten brengen; dan kunt ge uw voeten wassen en uitrusten onder de boom. Ik zal ook een stuk brood laten halen, om u wat te verkwikken, eer gij verder trekt; gij zijt nu toch langs uw dienaar gekomen.
Zij zeiden: Doe wat ge zegt. Vlug ging Abraham zijn tent binnen, naar Sara, en sprak: Neem gauw drie maten fijne bloem, kneed ze en maak er broodkoeken van. Zelf liep Abraham naar de kudde, om een mals en mooi kalf te halen; hij gaf het aan zijn knecht, die zich haastte, het klaar te maken. Dan nam hij room en melk met het kalf, dat hij had laten toebereiden, en diende het op; terwijl zij aten, bleef hijzelf bij hen onder de boom staan.
Nu zeiden zij hem: Waar is Sara uw vrouw ? Hij antwoordde: Hier in de tent. Toen zeide Hij: Als Ik over een jaar om deze tijd bij u terugkom, zal uw vrouw Sara een zoon hebben. Sara stond achter hem te luisteren bij de opening van de tent.”
In het begin van dit citaat wordt gezegd: “Daarna verscheen de Heer hem bij de eik van Mamre. Eens toen hij op een hete middag in de opening van zijn tent zat, en zijn ogen opsloeg, zag hij drie mannen voor zich staan.” (Gen 18: 1-2a)
Opgemerkt moet worden dat de Heer niet een van de drie mannen is die vermeld worden. Door het bezoek van de drie mannen, toont de Heer zich. Maar dat is slechts een teken, zoals in het vorige hoofdstuk duidelijk gemaakt wordt over de verschijning van de Heer door tekens.
“En toen de zon was ondergegaan, en er een diepe duisternis heerste, verscheen er een rokend vuur en een brandende fakkel; deze gingen tussen die stukken offervlees door.”
In Genesis 15:17 en verder, verschijnt de Heer in de vorm van vuur en fakkel. Maar dit zijn slechts symbolen. De Heer toont zich in symbolen.
Zo ook, als in het voorgaande citaat gezegd wordt: “De Openbaring van de Heer” (Genesis 15:13) betekent dat niet dat de Heer rechtstreeks tot Abraham spreekt. Dit gebeurt alleen in Genesis 15. Maar ook wat betreft de drie mannen in Gen. 18, hoeft men niet te vragen 'wie is de Heer en wie Zijn helpers of begeleiders!'
Een probleem ontstaat als in latere tijden het beeld dat gemaakt is door Adrej Rubljow in de 15de eeuw uitgelegd wordt als beeld van de Drieeenheid. In het jaar 1745, heeft Paus Benediktus XIV verboden het beeld te gebruiken als beeld van Drieeenheid. Waarom ? De reden was omdat in dit beeld -wat niet bedoeld is door de schilder- als beeld van de Drieeenheid- Vader, Zoon en Heilige Geest op één lijn worden gesteld. De genoemde tekening wordt verboden , omdat als er drie goden Vader, Zoon en Heilige Geest op één lijn worden gesteld, het monotheisme verloren gaat. Dus, wat verboden wordt door de Paus is : het op één lijn stellen van de drie goddelijke personen.
Op die manier kan de tweede Persoon niet naast de eerste staan, maar is een verbintenis met Hem en daarom wordt Hij de Openbaring genoemd. De plaats van de Openbaring is niet naast ! De Openbaring is verbonden met ''degene die openbaart” . Daarom wordt gezegd: “Hij is de Openbaring van God' en daarom Hij is God. Maar Johannes verduidelijkt twee keer dat Hij niet gelijk is God, omdat de Openbaring niet hetzelfde is als 'degene, die openbaart' ! Als Openbaring van God is de Openbaring werkelijk God. Dit kan niet worden ontkend; maar hier moet opgemerkt worden dat - als Openbaring van God-, de Tweede Persoon niet los gemaakt kan worden van de Eerste Persoon. Daarom wordt gezegd: 'De Openbaring is mens geworden en heeft onder ons gewoond, en wij hebben zijn heerlijkheid gezien.' (Jo.1:14a)
In Jezus zien wij wie God werkelijk is. In Jezus openbaart God zich.
Maar toen de goedertierenheid en mensenliefde van God, onze Zaligmaker, zich had geopenbaard, toen heeft Hij ons verlost, niet op grond van gerechte werken, die we hadden gedaan, doch op grond van zijn eigen barmhartigheid, door het bad van wedergeboorte en door de vernieuwing van de Heilige Geest. Overvloedig heeft hij die over ons uitgestort door Jezus Christus onze Verlosser, opdat wij, door zijn genade gerechtvaardigd, door de hoop erfgenamen zouden worden van het eeuwige leven. (Titus 3:4-7)
In Jezus wordt duidelijk wie God is. In Jezus kennen wij God. Daarom wordt gezegd:”....wie Mij ziet, ziet Hem, die Mij gezonden heeft...” (Jo 12:45)
In Jezus ontmoeten wij God. En God die zich openbaart in Jezus is de God vol liefde, ja zelfs de god van barmhartigheid! Waarom ? De reden is omdat God werkelijk ongelukkige en arme mensen bemint. Zij zijn het die de hulp van God heel nodig hebben en God openbaart Zijn barmhartigheid aan hen. God, die woont in Jezus toont dat Hij aanvaardt ongeluk en tekortkoming, ja zelfs de zondigheid van de mens. De barmhartigheid en goedheid van Jezus toont de barmhartigheid van God. Nogmaals, in de persoon van Jezus weten wij wie God werkelijk is !
In Jezus weten wij dat God niet alleen een rechtvaardige rechter is, maar vooral een vergevende rechter. Tegen de zondaar, die naast Hem aan het kruis hing, sprak Jezus: ”Vandaag nog zul je met mij zijn in het paradijs!” (Luk 23:43)
Jezus wijst nooit iemand af. Door de farizeeen wordt Hij fout gerekend, omdat Hij omgaat met zondaars. Maar juist daardoor laat Hij zien, wie God werkelijk is en niet een God, die eisen stelt, zoals de Farizeeen menen. Door dit alles laat Jezus een God zien, die geeft en in het byzonder een God, die vergeving schenkt.
Vervolgens omdat God over-barmhartig is, noemt Jezus Hem Vader en noemt Hij zichzelf Zoon! Daarom wordt gezegd: '...Mijn Vader is het, die mij verheerlijkt. Gij noemt Hem uw God............”
Maar niet alleen Jezus wordt “Zoon van God” genoemd. Alle mensen, die één zijn met Jezus worden ook kinderen van God genoemd. (Rom.8:16-17). Als Jezus zoon genoemd wordt moeten we bedenken dat dit een uitdrukking is die verband houdt met het mens-zijn van Jezus en niet met Openbaring.
Het hoogtepunt van Gods barmhartigheid wijst naar de waarheid dat wij God mogen ontmoeten in het samen zijn en het één zijn met Jezus. Daarom, het hoogtepunt van Gods barmhartigheid wijst naar de waarheid van Jezus' dood, die zich overgeeft aan God en door God in de heerlijkheid ontvangen wordt.
Hiermee in verband denken wij aan het beeld van de de goddelijke barmhartigheid zoals dat door St. Faustina verspreid is.
In dit beeld wordt de goddelijke barmhartigheid getekend als Jezus in de glans van de verrijzenis en de heerlijkheid. Jezus is werkelijk één met God en deze waarheid is ook het doel van ons leven. De top van de barmhartigheid van God is dat wij samen mogen zijn met God in en door Jezus. Dit geschiedt niet alleen op het einde van ons leven, maar ook nu in de Heilige Eucharistie. Op deze wijze verenigt de Eucharistie ons niet alleen met Jezus, maar onze vereniging met Jezus verenigt ons met God. In het kort, de Eucharistie is het hoogtepunt van de goddelijke barmhartigheid.
Dank aan Pater Tom Jacobs, voor het geloof, dat hij in ons hart ontstoken heeft.
Goede reis en wees een man van gebed samen met ons en geleid onze gebeden naar God onze Vader.
Gegroet in het gebed en Gods zegen.
J.B. Pujasumarta, Pr.
Noot van de vertaler:
Ignatius Suharyo, pr, geboren 9 juli 1950, priester gewijd 26 jan 1976, 21 april 1997 aartsbisschop van Semarang
leerling van Pater Jacobs op het Groot Seminarie van Yogyakarta
Na zijn theologische studie in Rome, mededocent op het Groot Seminarie tot aan zijn benoeming als aartsbisschop van Semarang (1997)
J.B Heru Prakosa S.J., geboren 4 nov 1964, priester gewijd 28 juli 1995, docent op de Universiteit Sanata Dharma Yogyakarta
Faustina: : U kunt alles over Faustina lezen op www.faustina.org
Levensgeschiedenis van Pater Tom Jacobs S.J. 13 Juli 1929 Geboren te Zevenbergen 1947 Eindexamen Gymnasium A 7 Sept. 1948 Noviciaat Mariendaal Grave 1949 Gezonden naar Indonesia 1950 Noviciaat in Girisonta, Ungaran 1951 Junioraat / Talenschool in Girisonta 1952 - 1954 Filosofie in Yogyakarta (Ignatius College) 1955 - 1956 Subprefek Loyola College, Semarang 1957 - 1961 Theologie di Yogyakarta 31 Juli 1959 Priesterwijding in Yogyakarta 1961 Tertiaat in Girisonta 1962 - 1963 Docent Theologie Ignatius College, Yogyakarta 1963 - 1966 Biennium Biblicum, Roma, Italia 1967 - 1994 Docent Theologie IFT, Kentungan, Yogyakarta 1995 - 2008 Assistent Parochie Kotabaru, Yogyakarta 2003 Professor Universitas Sanata Dharma