Tekstvak:

Niet meer in taal en teken

 maar van aangezicht tot aangezicht

 kent hij nu voor eeuwig

 het mysterie dat mensen God noemen:

1 Kor. 13

 

In dankbare herinnering aan

 

Bernard Theodoor Marie Tervoort

 

 

 

Oud-lid van de orde der jezuieten

Emeritus-hoogleraar psycho- & patholinguïstiek

aan de Universiteit van Amsterdam,

Ridder in de orde van de Nederlandse Leeuw,

Eredoctor van de Gallaudet University, Washington DC,

Erelid van diverse organisaties

 

Echtgenoot van Dieuwertje N. Tervoort-De Carpentier Wolf

 

geboren te Groesbeek op 29 mei 1920

overleden te Hilversum op 17 augustus 2006

 

------

 

Bernard Theodoor Marie Tervoort slaagde in 1938 voor zijn eindexamen gymnasium aan het Canisius College te Nijmegen en trad 8 september van dat jaar in de orde der jezuïeten. Augustus 1944 behaalde hij zijn MA filosofie en augustus 1956 zijn MA theologie. Van 1945 tot 1952 studeerde hij Nederlands aan de universiteit van Amsterdam en gaf les aan het Ignatius college. In die jaren begon hij onder het pseudoniem Mark Vendelier een serie van zeven jongensboeken, die ook in het Duits en het Italiaans zijn vertaald. Tezelfdertijd verzorgde hij de bundel Carillon, een schooluitgave over poëzie.

23 November 1953 promoveerde hij cum laude aan de Universiteit van Amsterdam op een analyse van de eigen visuele taal van een groep dove kinderen en legde daarmee als eerste linguïst ter wereld zowel de grondslag voor het Nederlandse en internationale onderzoek naar de gebarentaal van doven, alsook voor de hoofdlijn van zijn eigen verdere wetenschappelijke bestaan. Van 1957 tot 1965 deed hij vervolg-onderzoek naar de taalontwikkeling van dove kinderen in de Benelux en de USA. 8 juni 1964 verleende Gallaudet University, de enige universiteit voor doven ter wereld, hem een eredoctoraat. Mede op basis van het eindrapport van zijn onderzoek werd hij in 1965 benoemd tot wetenschappelijk medewerker psycholinguïstiek aan de Rijksuniversiteit Groningen en in 1966 tot gewoon hoogleraar aan de Universiteit van Amsterdam.

In 1965 ontving hij op zijn verzoek vanuit Rome ontslag van zijn religieuze verplichtingen en trouwde binnen de kerk met Dieuwertje De Carpentier Wolf. Zij kregen drie dochters: Dieuwke, Corriëlle en Katelijne en zes kleinkinderen.

In zijn jaren als priester-jezuïet combineerde Ben Tervoort de uitoefening van dat ambt met de beoefening van de wetenschap. Hij is de orde een levenlang erkentelijk gebleven voor de ruimte, die zij hem daartoe heeft verschaft, zowel als voor de blijvende en onveranderde vriendschap voor hem en zijn gezin, ook na zijn uittrede.

Het accent van zijn bestaan als hoogleraar lag op het doceren en de wetenschapsbeoefening.

In 1970 maakte hij samen met zijn collega theoretische taalwetenschap, Simon Dik, van de kleine, besloten studierichting Algemene Taalwetenschap een open werkplaats met ruimte voor veel sociale toepassingsgebieden, waaronder de studie van de kindertaal inclusief taalontwikkelings-stoornissen, psycho- patho-, neuro- en sociolinguïstiek, en vooral de studie van gebarentaalals volwaardige talen van dove mensen centraal. Bij het begin van zijn emeritaat werd hij vanwege zijn vele verdiensten voor de dovengemeenschap door de Kroon benoemd tot Ridder in de Orde van de Nederlandse Leeuw. ook na zijn emeritaat, vanaf maart 1987, is hij actief gebleven, niet enkel in publicaties en voordrachten, maar ook meerdere malen als voorzitter van universitaire visitatiecommissies.

Het sleutelwoord voor de gevarieerde loopbaan van Ben Tervoort zou 'Communicatie' kunnen heten. Niet alleen als basis voor alle taalgebeuren tussen mensen zoals hij dat zag, maar vooral als een van de grondslagen voor medemenselijkheid van persoon tot persoon en wereldwijd. In 1998 heeft hij in zijn autobiografie "Jezus ben jij dat ? Het verhaal van een roeping" deze vsie op zijn bestaan voor anderen vastegelegd.

 

Ben Tervoort