GEHOORZAAM GOD, NIET DE PAUS.
OPEN BRIEF VAN Hans KÜNG aan alle bisschoppen.
De kerk beleeft haar ergste geloofwaardigheidscrisis sinds de Reformatie in de 16de eeuw, zegt de Zwitserse theoloog Hans Küng. Nu BenedictusXVI vijf jaar paus is, schrijft de criticus een open brief aan de bisschoppen. 'Het kan zo niet verder. Als u blijft zwijgen, bent u medeplichtig.'
Eerwaarde
bisschoppen,
Joseph Ratzinger, nu paus Benedictus XVI, en ik waren de jongste theologen op
het Tweede Vaticaans Concilie van 1962 tot 1965. Nu zijn we de oudste die nog
actief zijn. Ik heb mijn theologische werk altijd beschouwd als dienstverlening
aan de rooms-katholieke kerk. Ik doe deze oproep dan ook omdat ik oprecht
bezorgd ben om onze kerk. Ik heb geen andere manier om u te bereiken dan een
open brief.
Ik stelde het enorm op prijs dat de paus mij, zijn onverbloemde criticus,
uitnodigde voor een vriendelijk gesprek van maar liefst vier uur, kort nadat
hij in functie was getreden. Dit wakkerde mijn hoop aan dat mijn vroegere collega
aan de universiteit van Tübingen een voortdurende vernieuwing van de kerk zou
stimuleren.
Jammer genoeg werden mijn verwachtingen niet ingelost. In mijn latere
correspondentie met de paus heb ik dat meermaals duidelijk gemaakt. Zijn
dagelijkse taken als paus voert hij zeer nauwgezet uit, maar als het om de
grote uitdagingen van onze tijd gaat, heeft zijn pontificaat meer kansen gemist
dan het aangegrepen heeft.
Gemist: de kans op toenadering tot de protestantse kerken. In plaats daarvan
werd hen de status van kerk ontzegd. Daardoor worden hun ambten niet erkend en
is interkerkelijke communie niet mogelijk.
Gemist: de kans op een verzoening op lange termijn met de joden. Hij heeft
notoire antisemitische bisschoppen terug in de kerk opgenomen en pleit actief
voor de zaligmaking van paus Pius XII, die onvoldoende bescherming bood aan de
joden in nazi-Duitsland. Het staat vast dat Benedictus het jodendom enkel ziet
als de historische oorsprong van het christendom; hij neemt het niet ernstig
als een actieve religieuze gemeenschap.
Gemist: de kans op een dialoog met moslims in een sfeer van wederzijds
vertrouwen. In plaats daarvan maakte Benedictus in zijn onbezonnen maar
symptomatische lezing van 2006 in Regensburg een karikatuur van de islam als
een religie van geweld en onmenselijkheid.
Gemist: de kans op verzoening met de gekoloniseerde inheemse volkeren van
Latijns-Amerika. In plaats daarvan beweerde de paus in alle ernst dat ze
'verlangden' naar de religie van hun Europese veroveraars.
Gemist: de kans om de Afrikanen te helpen door hen de toestemming te geven om
voorbehoedsmiddelen te gebruiken om de overbevolking tegen te gaan en hiv te
bestrijden.
Gemist: de kans om vrede te sluiten met de moderne wetenschap door de
evolutietheorie duidelijk te bevestigen en stamceltherapie te aanvaarden.
Grootste gemiste kans
Ook gemist: de kans om van de geest van het Tweede Vaticaans Concilie het
kompas te maken voor de hele katholieke kerk, met inbegrip van het Vaticaan
zelf, en om zo de vereiste hervormingen in de kerk te stimuleren. Dat laatste
punt, eerwaarde bisschoppen, is het ergste van allemaal. Keer op keer heeft de
paus beperkingen aan de conciliaire teksten toegevoegd en ze tegen de geest van
de conciliepriesters in geïnterpreteerd. Keer op keer heeft hij uitdrukkelijk
een standpunt ingenomen dat ingaat tegen het Oecumenische Concilie, dat volgens
de kerkelijke wetten het hoogste gezag van de katholieke kerk vertegenwoordigt:
Hij nam de bisschoppen van de traditionele Pius X-gemeenschap opnieuw in de
kerk op zonder enige voorwaarden - bisschoppen die op een illegale manier
buiten de katholieke kerk waren ingewijd en die centrale punten van het Tweede
Vaticaans Concilie verwerpen (onder andere de liturgische reformatie, vrijheid
van godsdienst en een verzoening met het jodendom).
Hij pleit op alle mogelijke manieren voor de middeleeuwse Tridentijnse mis en
houdt af en toe eucharistievieringen in het Latijn, met zijn rug naar de
congregatie gekeerd.
Hij weigert om toenadering te zoeken tot de anglicaanse kerk, zoals uitgewerkt
werd in officiële oecumenische documenten van de Anglicaans-Rooms-Katholieke
Internationale Commissie. In plaats daarvan heeft hij geprobeerd om gehuwde
anglicaanse geestelijken naar de rooms-katholieke kerk te lokken door hen te
bevrijden van de regel van het celibaat, een regel die tienduizenden
rooms-katholieke priesters gedwongen heeft om uit hun ambt te treden.
Hij heeft de anticonciliaire krachten in de kerk aangemoedigd door reactionaire
functionarissen te benoemen voor sleutelfuncties in de curie en overal ter
wereld reactionaire bisschoppen aan te stellen.
Gelatenheid en frustratie
Paus Benedictus XVI lijkt steeds meer afgesneden van de grote meerderheid van
de leden van de kerk, die steeds minder acht slaan op Rome en zich in het beste
geval enkel identificeren met hun plaatselijke parochie en bisschop.
Ik weet dat velen van u onder deze situatie lijden. In dit anticonciliaire
beleid krijgt de paus de volledige steun van de Romeinse curie (de pauselijke
regering). De curie doet haar best om alle kritiek in het episcopaat en in de
kerk in de doofpot te stoppen en de critici op alle mogelijke manieren in
diskrediet te brengen.
Met veel pracht en praal hebben de reactionaire krachten in Rome getracht om
ons een sterke kerk voor te spiegelen, met als façade een absolutistische
'stedehouder van Christus', die als enige persoon de wetgevende, uitvoerende en
juridische macht in handen heeft. Maar het herstelbeleid van Benedictus heeft
gefaald. Al zijn spectaculaire optredens, demonstratieve reizen en openbare
verklaringen hebben de opinie van de meeste katholieken over controversiële
problemen niet kunnen beïnvloeden. Dat geldt vooral voor kwesties rond seksuele
moraliteit.
U, als bisschoppen, hebt meer redenen dan wie ook om diep bedroefd te zijn:
tienduizenden priesters zijn sinds het Tweede Vaticaans Concilie uitgetreden,
meestal omwille van de celibaatregel. De roepingen voor het priesterschap, het
zusterschap en lekenbroederschap zijn afgenomen - niet alleen in aantal, maar
ook in kwaliteit.
Gelatenheid en frustratie verspreiden zich snel onder de clerus en de actieve
leken. Velen voelen zich in de steek gelaten met hun persoonlijke behoeften. In
veel bisdommen weerklinkt hetzelfde verhaal: lege kerken, lege seminaries en
lege pastorieën. In veel landen worden, vaak tegen de wil van de
parochieledenparochies samengevoegd tot steeds grotere 'parochiegroepen' omdat
er niet genoeg priesters zijn. In die grote parochiegroepen worden de weinige
overblijvende priesters zwaar overbelast. Dit is een schijnhervorming van de
kerk, geen feitelijke hervorming!
Alsof al die crisissen niet volstonden, komt er nog een schandaal bovenop: de
onthulling van misbruik van duizenden kinderen en jongeren door geestelijken -
eerst in de VS, dan in Ierland en nu in Duitsland en elders. En als kers op de
taart leidde de afhandeling ervan tot een leiderschapscrisis zonder voorgaande
en een verval van het vertrouwen in de kerk.
Het lijdt geen twijfel dat het wereldwijde systeem voor het toedekken van
seksuele misdrijven door geestelijken werd uitgedokterd door de Roomse
Congregatie van de Geloofsleer onder kardinaal Ratzinger (1981-2005). Onder het
bewind van paus Johannes Paulus II had die congregatie dergelijke gevallen al
onder een eed van strikte geheimhouding afgehandeld. Op 18 mei 2001 stuurde
Ratzinger zelf een plechtig document naar alle bisschoppen waarin ernstige
misdrijven ('epistula de delictis gravioribus') werden besproken. Daarin werd
gesteld dat gevallen van misbruik werden afgedekt door het 'secretum
pontificium'. De overtreding van die regel kon leiden tot ernstige
ecclesiastische straffen. Daarom verwachtten veel mensen terecht een
persoonlijk mea culpa van de voormalige prefect en huidige paus. In plaats
daarvan liet de paus de kans die de heilige week bood voorbijgaan: op
paaszondag liet hij zijn onschuld 'urbi et orbi' verklaren door de decaan van
het College van Kardinalen.
Zes voorstellen
De gevolgen van al die schandalen voor de reputatie van de kerk zijn
dramatisch. Belangrijke kerkleiders hebben dit al toegegeven. Talloze
onschuldige en toegewijde priesters en opvoeders lijden onder het stigma van
verdenking dat nu op de kerk weegt. U, eerwaarde bisschoppen, moet de realiteit
onder ogen zien: wat zal er met onze kerk en uw bisdom gebeuren?
Ik ben niet van plan een nieuw programma voor een hervorming van de kerk uit te
stippelen. Dat heb ik al vaak genoeg gedaan, zowel voor als na het concilie. Ik
wil u enkel zes voorstellen doen, waarvan ik overtuigd ben dat ze door miljoenen
katholieken, die monddood zijn in de huidige situatie, gesteund worden.
1. Blijf niet zwijgen. Anders wordt u zelf medeplichtig. Als u vindt dat
bepaalde wetten, richtlijnen en maatregelen een averechts effect hebben, moet u
dit in het openbaar zeggen. Stuur Rome geen betuigingen van toewijding maar
roep op tot hervorming.
2. Start zelf met hervormen. Te veel mensen in de kerk en in het
episcopaat klagen over Rome, maar doen zelf niets. Wanneer in een bisdom geen
mensen meer naar de kerk komen, wanneer het publiek in onwetendheid wordt
gehouden over de behoeften van de wereld, dan kan de schuld niet zonder meer op
Rome worden afgeschoven. Elke bisschop, priester, lekenbroeder of -zuster kan
bijdragen tot een vernieuwing van de kerk binnen zijn eigen invloedsfeer, groot
of klein. Heel wat prachtige resultaten in individuele parochies en de kerk als
geheel zijn het resultaat van een initiatief van een persoon of een kleine
groep. Als bisschoppen moet u dergelijke initiatieven ondersteunen, zeker in de
huidige omstandigheden.
3. Handel op een broederlijke manier. Na hevige debatten en tegen de
voortdurende oppositie van de curie verordineerde het Tweede Vaticaans Concilie
het broederschap van de paus en de bisschoppen. In de periode na het concilie hebben
de paus en de curie deze ordinantie echter genegeerd. Zelfs in liturgische
zaken regeert de paus als een autocraat over en tegen de bisschoppen. Daarom,
eerwaarde bisschoppen, kunt u beter niet individueel optreden, maar de handen
in elkaar slaan met andere bisschoppen of priesters en mannen en vrouwen die
deel uitmaken van de kerk.
4. Onvoorwaardelijke gehoorzaamheid bent u enkel aan God verschuldigd. Hoewel
u bij uw episcopale wijding een gelofte van onvoorwaardelijke gehoorzaamheid
aan de paus moest afleggen, weet u dat u nooit een onvoorwaardelijke
gehoorzaamheid aan een menselijk gezag kunt beloven. Daarom mag u niet toelaten
dat deze gelofte u verhindert om de waarheid te vertellen over de crisis waarin
onze kerk, uw bisdom en uw land verkeren. U moet het voorbeeld van de apostel
Paulus volgen, die Petrus “recht in zijn gezicht beschuldigde omdat ze door hem
waren gestruikeld, (Brief aan de Galaten 2:11). De roomse autoriteiten
onder druk zetten in de geest van de christelijke broederlijkheid kan
toegelaten en zelfs nodig zijn wanneer ze er niet in slagen om de geest en de
missie van het evangelie te respecteren. Het gebruik van streektaal in de
liturgie, de veranderingen in de regels rond gemengde huwelijken, de
bevestiging van tolerantie, democratie en mensenrechten, het openen van een
oecumenische aanpak en de vele andere hervormingen van Vaticaan II kwamen
alleen maar tot stand dankzij een hardnekkige druk van de achterhoede.
5. Werk aan regionale oplossingen. Het Vaticaan is vaak doof geweest
voor de gegronde eisen van het episcopaat, de priesters en de leken. Reden te
meer om te zoeken naar verstandige regionale oplossingen. Zoals u maar al te
goed weet, vormt de celibaatregel, die uit de middeleeuwen werd overgeërfd, een
bijzonder delicaat probleem. In de context van het misbruikschandaal door
geestelijken, kan deze praktijk meer dan ooit in vraag worden gesteld.
Individuele episcopale conferenties moeten het initiatief nemen voor regionale
oplossingen. Het zou echter beter zijn om een oplossing te zoeken voor de kerk
in haar geheel. Daarom:
6. Roep een concilie samen. Ook om de liturgische reformatie, de
vrijheid van godsdienst, de oecumene en de interreligieuze dialoog mogelijk te
maken, was een oecumenisch concilie nodig. Nu hebben we dus ook een concilie
nodig om de dramatisch escalerende problemen, die om hervorming schreeuwen, op
te lossen. In de eeuw voor de Reformatie verordineerde het Concilie van
Konstanz dat om de vijf jaar een concilie moet worden gehouden. De Romeinse
curie is er echter met succes in geslaagd om deze regel te omzeilen. Het lijdt
geen twijfel dat de curie, uit angst voor een beperking van haar macht, alles
in het werk zal stellen om te voorkomen dat een concilie samenkomt in de
huidige omstandigheden. Het is dus aan u om het samenroepen van een concilie
door te drukken.
Onze kerk zit in een diep dal, eerwaarde bisschoppen. Daarom doe ik deze
oproep: maak gebruik van het episcopale gezag, dat opnieuw werd bevestigd door
het Tweede Vaticaans Concilie. In deze dringende situatie zijn de ogen van heel
de wereld op u gericht. Talloze mensen zijn hun vertrouwen in de katholieke
kerk kwijt. Alleen door open en eerlijk met deze problemen om te gaan en
resoluut de nodige hervormingen uit te voeren, kunnen we hun vertrouwen terugwinnen.
Ik smeek u met alle respect om uw verantwoordelijkheid op te nemen in
apostolische 'vrijmoedigheid' (Handelingen 4:29, 31) - samen met uw
collega-bisschoppen in de mate van het mogelijke, maar ook alleen als het moet.
Toon uw godsdienstige tekenen van hoop en aanmoediging en geef onze kerk nieuwe
perspectieven voor de toekomst.
Met hartelijke groeten in de gemeenschap van het christelijke geloof,
Hans Küng
Hans Küng is professor emeritus oecumenische theologie aan de universiteit
van Tübingen in
Duitsland. Hij schreef meer dan vijftig boeken.
Geschreven in “de Standaard” van 17 april 2010