André Konig.
Foto’s van zijn laatste dag, 22 februari 2010, zie
ik staan op de website van sjoudsj. Nijmegen. Ik was er
niet, maar had het graag gewild: Op dat hoge moment voer ik op het Sneekermeer.
Harde wind, golven, buiswater in batsen op de kajuit. Een weer als dat heeft ook
André ervaren, zowel letterlijk, ter plaatse, als figuurlijk in Brabant.
In mijn leven kwam ik hem maar een paar keer tegen.
Hij was lichamelijk niet groter dan ik, maar gek, telkens als ik aan hem dacht meende
ik hem groter. Dat kwam door de indruk die maakte. Het is dat ik republikein
ben, maar anders zou ik zeggen: voor mij staat een koning, een echte wel te
verstaan, hartelijk, eenvoudig en rond, niet levend voor zichzelf. Hij was ook
bij mij betrokken, voelde ik wel, als ik hem zag.
Dat beeld van hem, groter, bewaar ik in mijn hart.
André moet je ook niet in je hoofd opslaan. Hij hoort thuis in mijn hart, In
het hart van heel veel mensen, denk ik. In je hart, daar is zijn plaats. Ik ga
voorbij aan hoe het voor en na is gegaan in zijn leven. Ik gedenk hem zoals hij
voor mij was, een eerlijke wapenbroeder, een mens aan mijn kant. Aan de kant
van zijn werk, Helvoirt en Den Bosch, aan de kant van zijn vrouw Luce in Vught en Nijmegen, aan de kant van haar kinderen
die hij beleefde als aan hem toevertrouwd. Je moet het voorrecht maar hebben gehad
bij hem te hebben geleefd. Het is echt een voorrecht: leven met herinneringen
zoals aan hem, André.
Koni(n)g.
Joop