
"Pater van Kilsdonk voor altijd in Zeeland"
("Het Brabants Dagblad" 8 september 2006) door Willie Roks
Pater Jan van Kilsdonk vertrok ongeveer 80 jaar geleden uit Zeeland, een Brabants dorp in de omgeving van Uden. De nu 89-jarige jezuïet keert echter binnen niet al te lange tijd naar zijn geboortedorp terug, voorgoed, in de vorm van een bronzen beeld.
Al tientallen jaren woont pater Jan van Kilsdonk in Amsterdam. Maar vanaf 6 oktober keert hij terug naar Zeeland. De gemeente Landerd heeft een beeld van Van Kilsdonk aangekocht en dat krijgt dan een plaatsje op het Van Kilsdonkplein. Dat plein kreeg in 1964 deze naam ter nagedachtenis aan de zeer invloedrijke Zeelandse familie. Jan van Kilsdonk heeft daar nog levendige herinneringen aan: 'Als kind kon ik voelen dat onze familie een zekere achting genoot. De familie van mijn vader was rechtschapen, eerlijk, toegewijd, maar saai.'

Uit deze openingszin blijkt direct het gevoel voor humor van Jan van Kilsdonk en het vermogen om zijn gesprekspartner te boeien. 'Mijn vader had geen gevoel voor schoonheid, maar mijn moeder wel. Haar familie was warmbloedig en prekerig ook. Zo ben ik daar opgegroeid tot ik
een jaar of negen was.' Wegens ziekte van zijn moeder en misschien ook omdat er wat wrijvingen in de familie waren, bood vader Cees zijn café te koop aan aan de familie Van Casteren van het Oventje. Het café 't Zwaantje lag naast de pastorie waar nu C1000 gevestigd is. De familie vertrok naar Ooijen.

Al in 1947 ging de pater met jongeren werken, eerst aan het gymnasium als schoolpastor en godsdienstleraar. Tien jaar later werd hij studentenpastor van de twee hoofdstedelijke universiteiten. In die hoedanigheid ontmoet hij duizenden jongeren, helpt hen, praat met ze en hij schrijft vooral veel brieven.

In 1990 ontmoet kunstenaar Dennis Coenraad, die nu het bronzen beeld maakt, pater van Kilsdonk in Utrecht. 'Ik was toen eerstejaars student aan de leraaropleiding tekenen en handvaardigheid. Kardinaal Simonis had juist een uitspraak gedaan over hospita's die geen homo's in huis zouden willen nemen. Naar aanleiding daarvan was er een protestbijeenkomst en de pater sloot zich daarbij aan. Ik zag hem pas om één uur 's nachts in een discotheek en vroeg me af wat deze oude man in die lawaaierige ruimte kwam doen. We raakten aan de praat en onwillekeurig vertelde ik hem mijn levensverhaal. De volgende dag ontving ik een brief waarin hij ons gesprek samenvatte. Dat maakte een verpletterende indruk', vertelde Coenraad.
Na die tijd bezocht Coenraad de pater af en toe. 'Als ik niet wist wat ik met mijn leven aan moest, dan had ik altijd de pater achter de hand.'
Zoals Van Kilsdonk Dennis Coenraad als geestelijk vader terzijde stond, zo deed hij dat met duizenden andere jongeren. Altijd volgens deze zelfde werkwijze. Toen Coenraad na het onderwijs als beeldhouwer verder ging, wilde hij per se een kop maken van de pater. Omdat hij bang was voor een 'nee', vertelde hij niet dat er ruim dertig keer geposeerd moest worden. Maar telkens bracht hij een andere gesprekspartner voor de pater mee, zodat hij rustig kon werken. Bisschop Bluijssen, oud-burgemeester van Amsterdam Ed van Thijn en Willem Aantjes waren enkelen daarvan.

En zo keert de beeltenis van Jan van Kilsdonk terug naar zijn geboortedorp waar nog zoveel van zijn wortels liggen. Twee burgemeesters bracht het geslacht Van Kilsdonk voort. Opa Theodorus, die in 1920 in Zeeland overleed, hield een Franse kostschool. Ondanks speurwerk van de Heemkundekring Zeeland komt niet boven water waar die school precies is geweest. De familie hield zich ook bezig met bierbrouwen. Brouwerij de Rode Leeuw was van hen, evenals de molens op het Oventje en aan de Oude Molenstraat en een smederij.De familie raakte door een huwelijk in 1868 verstrengeld met de andere brouwersfamilie Van der Ven, die ook een bekende nazaat hebben: de actrice Monique van der Ven.

In 1995 vierde de studentenpastor zijn 50-jarig priesterfeest. Het Zeelandse Jacobusgilde bracht hem een eervol bezoek. Van Kilsdonk gniffelt: 'De Amsterdamse gemeenschap is heel wat gewend, maar de komst van het gilde deed hen toch vreemd opkijken. We gingen samen naar de oudste kerk van de stad voor een dienst en die ligt in de buurt waar de rode lampjes branden, waar de mooie meisjes zijn. Uit respect deden ze allemaal even hun gordijntjes dicht tot iedereen in de kerk was.'
Willie Roks