Scio abundare et penuriam pati.
Ik kan genieten van overvloed, maar ook
schaarste verdragen.
Hans Boex
Johannes Franciscus Gerardus
oud-docent aan het Canisius
College te Nijmegen
van 1947 tot 1968 lid van de orde
der jezuïeten
Geboren te Helmond, 2 juli 1928
Gestorven te Nijmegen, 9 augustus
2010
------------
Hans
had grote gaven van hoofd en hart.
Hij
hield van studeren en bleef dat zijn leven lang doen. Hij genoot van zijn lange
opleiding bij de jezuïeten. Zijn vakkennis breidde hij voortdurend uit. Het
onderzoek voor zijn proefschrift was voor hem pure vreugde. Altijd was hij
geïnteresseerd in nieuwe ideeën. Beweeglijk van geest, maar ook van lichaam:
sporten was voor hem een levensbehoefte. Hij muntte uit in hockey, cricket en
tennis.
Hans
stond open voor de mensen om hem heen. Hij luisterde, meer dan dat hij zijn
eigen mening poneerde. Zijn bescheidenheid weerhield hem er soms van zijn
innerlijke rijkdom te laten zien. Beminnelijk en charmant, zo maakte hij zich
bij velen geliefd. Hij was een lieve echtgenoot voor Mieke en een betrokken
vader voor Heleen en Laurens. Hij was trots op hen en stimuleerde hen om hun
eigen weg te gaan.
Van
zijn familie erfde hij zijn gevoel voor het goede van het leven. Hij genoot van
gezelschap, het liefst bij een door hemzelf bereid diner met goede wijn. Zijn
zorg voor ons eten maakte de dagelijkse maaltijden tot levenskunst.
Hans
had een fijn taalgevoel; vooral in poëzie vond hij een ingang tot het mysterie
van het leven. Naar dat mysterie was hij zijn hele leven op zoek.
De
beperkingen van het laatste jaar heeft hij zonder klagen aanvaard.
Hij stierf, dankbaar voor het leven dat hem gegeven was.