Waarde oud-medebroeders,

Op 14 april zal ik niet in Ravenstein zijn. Dat spijt me wel een beetje omdat ik mij bekende gezichten niet zie. Het gaat er me niet om geen dag te willen besteden aan wat ik achter me heb gelaten, maar het zou moeten gaan om met elkaar te zien wat er nog te doen staat. Ik heb mij sinds mijn uittreden in groeiende mate bekommerd om de samenleving en mijn meeste tijd gestoken in werk aan samenlevingsproblematiek. Daarbij door anderen geïnspireerd worden. Ik verkeer graag in het midden van hen die dat voorstaan. De eerste drie bijeenkomsten heb ik in dat opzicht als waardevol ervaren. De inleidingen van Henk Hillenaar en van Ton van der Stap bewaar ik in mijn hart en in een map. Toen het bestuur wisselde heb ik zelfs overwogen om tot de stuurgroep toe te treden, maar ik heb er ten laatste van afgezien vanwege dreiging van restauratie van kerkelijke betrokkenheid. (Dat staat mij niet als doel voor ogen.) Het verwonderde me dan ook niet dat de eerste daaropvolgende SJ-oud-SJ in en bij de kerk van de Jezuïeten in Den Haag was. Ik ben daar niet naar toegegaan. Vorig voorjaar twijfelde ik om naar Amsterdam te gaan. Ik ging uiteindelijk omdat, zoals Jac Lampe het uitdrukte, anderen mij misschien graag zouden willen zien. Maar de bijeenkomst stelde me dat hevig teleur, evenals het verslag ervan. Het vertoonde gelijkenis met wat ik bij gemeenten wel aantref: preken voor de eigen parochie.

Voor mij geldt dat bijeenkomsten zinvol kunnen zijn op voorwaarde dat we geen kiekeboe spelen en de problemen van de tijd bespreken vanuit eigen beleving ervan. Volgens mij kan dat zinvol zijn, en niet alleen volgens mij alleen, weet ik wel. Een enkele spreekt zich onbekommerd uit, anderen zijn terughoudend, maar allen kunnen bijdragen. Maatschappijverbetering. Wegnemen van onrecht. We zullen dat niet de wereld uitkrijgen, maar het moet wel bestreden opdat het niet de overhand krijgt. Ik ben er niet, want het zal gaan over mystiek, over contemplatie, niet over de actie die daarbij hoort en die het overwegen nuttig maakt. . In de bijlage vindt u een brief van mij (met een afbeelding) aan mijn oudste kleindochter.(zie Album) Die brief spreekt voor zich. Het verhaal van Heinrich Böll dat ik meestuur(zie Album), trof mij destijds recht in het hart. Zulk onrecht zie ik overal.
Let u op de figuur van de pastoor. Als u alleen al zou weten hoe groot (nog) de macht van de zogenaamde adel is, mensen die zich beter voelen dan een ander en die als zodanig georganiseerd zijn in grote op zich bestaande netwerken, Men versjteert democratie en haalt onvoorstelbare hoeveelheden subsidies binnen, nadat de landelijke regelingen daarvoor door trawanten zijn tot stand gebracht. Als je het waarneemt, gesteld dat je het kunt waarnemen, word je er beroerd. Het refrein dat het volk bij Böll aanheft luidt: ‘Aardse gerechtigheid heeft u gedood’. Die aardse gerechtigheid is bij Böll gelijk aan het onrecht. Die ‘u’ is de onruststoker die de overheid omwille van gewenste rust onder het volk destijds ter dood bracht. Het was
in de week dat dat volk een kerkplein schoonveegde van ‘financiële mensen’. Genoemde ‘onruststoker’ hanteerde toen naar men zegt zelfs een zweep. Dat was genoeg: dood aan hem en anderen, onruststokers.

Ik lees nog even Ephimenco, in ‘Trouw’ van gisteren, donderdag. Aanbevolen!
(Als ik iemand een plezier kan doen met een maand gratis abonnement op Trouw, hij/zij melde zich.)

Ik groet u allen hartelijk. Zie de bijlagen maar als een ansichtkaart. Goede dag toegewenst; hopelijk tot ziens.

 

Joop Zijlstra.

 

(Vandaag, op uw dag, zoek ik Aat van Marrelo en zijn vrouw op, in Maastricht. Aat lijdt aan afasie en andere verlammingen.)

 

Kastanjelaan 9, 6955 AM Ellecom.
0313 - 419 213
zijlstravangool@gmail.com