Discussies
naar aanleiding van de lezing van Ton Veerkamp in Soeterbeeck, Ravenstein, 6
april 2013
Carel van Tulder schrijft:
We stellen het zeer op prijs
als de leden reageren om ons verder op weg te helpen met het invullen van een programma
wat zou kunnen doorgaan op de mail van Wouter van Ginneken.
Wij blijven "speramus"
Harry van der Zant schrijft:
Met de volgende personen begonnen we aan de middagsessie:
- Dick van de Mark,
- Ben Koning,
- Fried Pijnenborg,
- Toos Pannebakker,
- Henny Veelenturf
- Henk Hillenaar,
- Harry van der Zant
Er was grote behoefte het eigen geluid te laten horen
n.a.v. van de ochtendsessie met Ton Veerkamp. Allereerst was er veel respect
voor de degelijkheid en indringendheid waarmee Ton zijn verhaal heeft
neergezet.
De eigen geluiden in deze middaggroep leverde het
volgende beeld op:
- Ton is niet ingegaan op de toekomst van de Kerk,
eigenlijk toch wel jammer.
- Als er gekozen moet worden tussen 'die Ene' en de
Mamon, is het ook de vraag waar zit de echte waarheid? Denk maar eens aan de
wolf in schaapskleren.
- Het proces van secularisatie is eigenlijk niet aan
bod geweest. Kan dat proces zich ook weer in zijn tegendeel omkeren?
- Onbevangen kunnen leven vanuit een diepere laag in
jezelf, is dat niet meer een religieuse basishouding? Ik kijk graag naar jonge
kinderen in dit verband, wordt gezegd.
- Wat ontbreekt in deze 'snelle'wereld is vooral rust
en stilte.
- Wat lezen we in de Bijbel en wat willen we lezen?
Hoe richtinggevend kan de Bijbel zijn? Zijn het verhalen en personen die ons op
weg zetten?
- Ton heeft het eigenlijk ook over de erfzonde. God en
de Mamon zijjn in ons zelf vaak moeilijk te onderscheiden. Het loopt door
elkaar in onszelf en in de samenleving.
- Het wat donkere verhaal van Ton met een open einde
staat tegenover het verhaal van Wouter van Ginneken van de maatschappelijke
maakbaarheid. We kunnen de armoede terugdringen, zegt hij. De feiten tonen aan
dat we vooruit gaan op een aantal indikatoren. Soms is het ook nodig vuile
handen te maken.
- Veel welzijnswerk wordt juist ook weer afgebroken
onder de tucht van de recessie.Waar is de menselijke maat in die bezuinigingen?
- Waar blijft de mystieke kant van de religieuse
ervaring? In Amsterdam worden diensten voor ongelovigen druk bezocht. Er is
behoefte aan. Er wordt gezocht naar nieuwe vormen van gemeenschap en religieuse
beleving.
- Hoe staat het met de katholieke rituelen, onze
protestantse medechristenen nemen daar best veel van over.
- Zijn de jaren van geloven voor goed voorbij boven de
Alpen, komt er een nieuw perspectief, een ander blijvend visioen?
Naast alles wat er gezegd wordt, realiseren de
deelnemers dat het verhaal van Ton tot reflectie stemt en geen vrijblijvend
verhaal is. Dat wordt gewaardeerd.
Harry van der Zant
Beste Wouter en andere vrienden sjoudsj,
Wat mij betreft volle adhesie voor de drie kernpunten
voor de Franciscus Agenda.
Ik zou het boeiend vinden dat we het komend jaar daar
verder op door kunnen gaan: denken en doen.
In de stuurgroep leeft de sterke wens om de
voorbereiding voor een dag in april 2014 mede in dit kader te plaatsen.
Iedereen die suggesties of ideeen heeft is van harte
uitgenodigd daar mee te komen. Jac heeft daarvoor al een oproep gedaan.
Ik zou mede indachtig het verhaal van Ton Veerkamp nog
een paar opmerkingen willen plaatsen. Een van de punten van Ton was het gemis
van een 'groot verhaal' na:
1. eeuwen van het christelijke verhaal
2. eeuwen van emancipatie verhalen, nu...
3. eeuwen van marktwerking en individualisme????
Kiezen tussen het echte verhaal van 'Die Ene' en de
Mamon? Dat heeft nog wel wat bezinning nodig, denk ik.
opmerking 1.
Het tweede verhaal 'de emancipatie en
gelijkwaardigheid' van mannen en vrouwen in de Rk-traditie heeft nog een weg te
gaan. Kan dat als vierde punt nog toegevoegd worden of wordt dat teveel voor
Franciscus.
opmerking 2.
Een goede analyse van het begrip 'armen' zal nog wel
wenselijk zijn.Wouter heeft al verwezen naar de verklaring van de rechten van
de mens in VN-verband.
Biedt de bekende Maslov-pyramide langs de mentaal
psychologische lijn hier enig houvast?
Ik vind de begrippen 'onthecht of gehecht' zijn in dit
kader ook waardevol. Dan kom je meer in het spirituele, Ignatius had daar
volgens mij ook wel een en ander over te melden. Bovendien geef je de rijken
ook een kans om aan te haken. Of het net zo radicaal moet als Franciscus deed,
is weer een andere kwestie.
Dit was het voorlopig.
16 mei vertrek ik naar Bilbao/Loyola op weg naar
Manresa/Barcelona te voet.
Tijd genoeg om een en ander te overwegen. Het ga julie
intussen goed allemaal.
Harry van der
Zant
Mathé
Prick:
Gespreksgroep
2 sjoudsj 6 april 2013.
Lia
Singelenberg, Jan Knapen, Wim van Brederode, Rick Veelenturf, Jac Lampe, Piet
Vlaar, Mathé Prick
Ieder
was nog wat beduusd van het betoog van Ton Veerkamp, “een zeer fundamenteel
denkend theoloog.”
In
de groep bleken een aantal levenservaringen aanwezig, die moeilijk te verenigen
leken met de oproep van Ton altijd een keuze te maken voor of tegen de mammon. Wie is voor ons de mammon ?
Het
bleek dat er velerlei levenservaringen waren, die moeite gaven met de
fundamentele vraag om keuzen.
PV
moest klassieke talen studeren; meer beschouwen dan actievoeren. Hij ontmoette
een cultuur met een veelvoud aan goden en godsdiensten , was in dit grote veld
de ene godsdienst beter dan de andere ?
RV
opgevoed in een wereld, waarin duidelijk was wat goed en wat fout was –
“fundamentalistisch”. Juist die
duidelijkheid loslaten kostte veel
moeite. In zijn leven kwam hij steeds in
aanraking met compromissen – geen keuzen.
Fusies van hogescholen. Leven en
vechten voor mensen aan de onderkant van de samenleving, bv in de Bijlmer. (“als je ziet wat voor ellende
er is in Amsterdam, hoe heb je dan tijd voor <fundamentele> keuzen?”).
WvB
: In tijd waarin we opgeleid werden,
werd het als belangrijk beschouwd, alles uit de dragen wat we wisten (periode
van weekblad De Linie, dat daarvoor als medium gebruikt werd.) Later veranderde
dit geheel. Het hele leven is/was een gevecht
tussen goed en kwaad, eerder in ons
dan buiten ons..
JL
: er zit een grote breuklijnen in mijn levenservaring : de terugkomst uit
Indonesië – terug in een totaal veranderde wereld, zonder dat ik daarvan
tevoren op verdacht was. Terug in een totaal veranderd land : duur, luxueus,
individualistisch.
Algemene
opmerking : Ton Veerkamp beziet vanuit zijn denken het leven. Onze ervaring lijkt eerder te zijn : eerst
leven, dan het leven overzien en komen tot reflexie over / organisatie van dat
leven. Daarbij is relatie / zijn relaties belangrijk. “geweldig om het te
horen, maar het is mijn ding niet” -
ofwel : hoe pas ik zoiets toe in elke dag. Waarvoor kies je in je leven, op kruispunten
?
JK:
filosofie / theologie begrijp ik niet, zegt me niets. Niet mijn denkkader.
LS
en MP : werkervaring in de zorg biedt nauwelijks tijd voor reflexies als die
van Ton Veerkamp; er moet geholpen worden, er moeten oplossingen gezocht. Bovendien werk je steeds in relatie tot
anderen, op dat ogenblik ligt niet de vraag voor “keuzen” te maken –
a.h.w. kiest de patiënt, cliënt voor
jou.
Hierna werd gesproken over de
“agrarische” levenservaring en “agrarische” formuleringen van Jan van Kilsdonk
(in zijn biografie) tegenover de steedse formuleringen van Ton Veerkamp. Met weer het thema : bepaalt de situatie
vanwaar je komt en waarin je leeft de wijze waarop je formuleringen kiest voor
je levenskeuzen ?
Laurence
Brenninkmeijer:
In
de Jan van Ruusbroeckzaal
Praatten wij met Piet Hein Dieben, Jos Vrijburg, George Ingen Housz, Stef
Nielen, Leo van Laanen, Joop Zijlstra en Laurence Brenninkmeijer (voor verslag)
Wij beginnen met een persoonlijke uitwisseling: hoe was je weg tot nu toe, wat
houd je nu bezig?
Dan: wat roept Ton's verhaal bij ons op?
Sommigen zeggen wat moeite te hebben met het centraal stellen van "het
systeem", als een Moloch die verlamming te weeg brengt. Dat kan het beeld
oproepen van: de grote financieel-economische wanorde moet eerst in elkaar
storten voordat zich een nieuwe weg aftekent.
Vgl. Het Toren van Babel verhaal en de Verelendungstheorie van Karl Marx.
Daartegenover staat de overtuiging dat de weg naar gerechtigheid steeds weer
begint bij plaatselijk reageren op onrecht. Leo van Laanen ervaart dit in zijn
werken met migranten en vluchtelingen. D oor met migranten en vluchtelingen op
te komen voor hun rechten raak je ook aan de structuren die mensen in hun
houdgreep houden. Het gaat om persoonlijke aandacht, maar daarbij ook om
dossiervorming waarmee onterechte behandeling aan de kaak gesteld kan worden.
Je werkt samen met mensen van allerlei achtergrond, maar je eigen christelijke
inspiratie maakt dat je het volhoudt.
Wat de machten van de grote financiëel-economische structuren betreft: het is
hoopvol dat een kritische bewustwording groeiende is. Steeds duidelijker wordt
dat maatschappelijke doelstellingen andere prioriteiten hebben dat eenzijdig
economische doelstellingen. Wat scheef gegroeid is wordt meer en meer openbaar.
Zie Jezus woord: "niets is verborgen wat niet openbaar wordt".
Frans Honer:
Beste Jac,
Die dag had ik het gevoel dat de groep
voor één dag een kleine communauteit was. Anders dan andere keren liet ik wat
meer van mezelf horen. Als notulant viel het mij vooral op dat er heel goed en
geconcentreerd naar elkaar werd geluisterd.
We zijn de middagsessie begonnen met
persoonlijke reacties op de het verhaal van Ton Veerkamp. Iemand zei: “In deze
fase van mijn leven ga ik niet meer de kar trekken”. Wouter van Ginneken merkte
op: `Ik zie de wereld als maakbaar” . “ Ik ga wel mijn handen vuil maken”.
Uiteindelijk stelde Wouter een gedachte experiment
voor met als uitgangspunt de vraag : “Als
ik Frans I zou zijn, wat zou ik dan doen”.
Het resultaat is in drie aanbevelingen
samen te vatten.
1. De kerk moet meewerken aan het realiseren
van de stelling: “ De armoede moet binnen 15 jaar de wereld uit”.
2. Dat de katholieke kerk zich niet boven
andere geloofsbelevingen zal stellen.
3. Erkenning van kindermisbruik waar wij
schuldig aan zijn. <Een eerdere suggestie was: “De zondigheid binnen de kerk
erkennen”.>
Tot zover deze samenvatting.
Ik blijf zoekend en vragend op weg naar
´de kerk van de toekomst´.
Hgr
Frans Honer
Frans
Blaauw:
De
Godsnaam, geloven in onze dagen, zien en ervaren we vooral als een GEBEUREN.
Door
het te doen, maken we het tot werkelijkheid.
In
de bijbel wordt die werkelijkheid verteld in verhalen.
Geloofsverhalen
zijn altijd en allereerst levensverhalen.
Zij
vertellen ons “wat ons hart beroert”: verlangens, dromen, verdriet.
Over
ons zoeken naar: Waarom? Waartoe? Naar méé-leven,
betrokkenheid,(H)erkenning,vertroosting en inspiratie.
Geloven
heeft alles te maken met deze levensverhalen. Wij worden gesterkt en
geïnspireerd door wat anderen ons durven toevertrouwen. En wij worden ook
bevestigd, wanneer wij ons levensverhaal-in vertrouwen-aan (een) ander(en)
mogen vertellen, mogen delen met elkaar.
Die
verhalen worden dan “brood voor onderweg” ,”woorden van leven” ,”manna in de
woestijn”.
Als
illustratief verhaal vertelt één van ons :”De parabel van de panfluit” geschreven
door Jan van Opbergen.Versie van Baukje Offringa.
Er
was eens een boom,
Een
onbekende boom, ergens langs de waterkant,
Geplant
door
Niemand
weet nog wie.
Hij
leefde daar,
Breeduit
met vele takken.
Hij
droeg de forse stem van de wind,
Of
de doodse stilte van de avondlucht.
’s
Winters was het leven kaal,
En
zwiepend op de harde wind
En
met zijn twijgen als toegeklemde vuisten
Vol
nieuwe beloften
Stond
hij maar te wachten tot het lente werd.
Ga
je gang, knipoogde de voorjaarszon,
En
dan kwam hij weer toe aan zijn oude, groene uitbundigheid:
Zijn
takken liepen weer uit
En
schoten bloesem uit ingehouden leven.
Het
was een lust voor de ogen.
En
als dan de zomer kwam,
Maakte
hij een donkere hand gevuld met schaduw,
Gratis
voor iedereen,
En
soms een paraplu tegen de stromende regen.
Zo
leefde die boom met al zijn takken,
Jaar
in, jaar uit.
Zijn
krachten verbergend en weer uitplooiend,
Op
en neer in telkens vier seizoenen.
Maar
op zekere dag kwam er een mens,
Een
man, gewapend met een mes.
De
takken hielden van louter schrik het ruisen in.
Er
was geen ontkomen aan:
De
mooiste tak werd afgesneden
En
mee genomen naar het huis van die mens.
Een
dode tak, voorgoed uit het leven weggesneden,
Weggevallen
uit de schaduw van velen,
Opvallend
En
straks natuurlijk stomweg vergeten,
Wat
is een tak over een hele boom?!
Drie
dagen later was die man opeens terug
En
de boom stond windstil van doodsangst
Met
al zijn takken…….
Wie
treft vandáág het bitter lot?
Maar
kijk,
De
man ging zitten aan de voet van de boom en….
Hij
blies op de afgesneden tak,
Die
hij zijn panfluit noemde.
Hij
speelde een lied
En
de boom verstond het zó:
Horen
jullie mij?
Ik
leef, ik leef!
Méér
dan ooit tevoren,
Ik leef, ik zing, ik fluit!
• With Pope Francis at the Beginning of his
Pontificate
is the title of the letter, dated March 14, that
Father General wrote to the whole Society, noting
that "it is a clear fact that the
whole Church is observing and listening to the words and actions of the new
Pope with great expectation. A general atmosphere of hope is tangibly
perceived everywhere. There is a perfect fit between this hope and the
name Francis that the Pope has chosen, as a prediction of renewal and reform
that the Church itself wishes for all of us." Recalling the personal
meeting of March 17, he adds: "Pope Francis feels deeply Jesuit, and he
has manifested this in several moments during these days. We find an
evident sign of this on his papal coat of arms as well as in the personal
response he wrote to me on 16 March replying to my letter of the 14th."
The letter reaffirm the union of the Society with the new Pope: "The
Society continues to be united with the Holy Father in the person of Pope
Francis whom we regard as our Superior. As we consider the complex issues
and problems that he will have to face, we Jesuits need to reaffirm our support
to the Holy Father and offer him - unconditionally - all our resources and
help, be that in the theological, scientific, administrative or spiritual
areas." He concludes: "It is solely from an attitude of humility that
we will be able to cooperate in building up a Church poor
and for the poor that can grow ever more daily, according to
the heart of God and his son Jesus. Without any kind of triumphalism, let us
make explicit with renewed vigor and zeal the
closeness of the Society to our brother Francis. This is the moment to
respond to his petition: to pray with him and for him. As friends in the
Lord, we aim to accompany him in his journey of Cross and Life and, in
accordance with our ecclesial spirituality, we place ourselves at his disposal
with the same sentiments of joy and trust experienced by the whole
Church."