026.JPGOpeningslied: Geef alle ruimte aan de liefde

t. J. van Opbergen; m. Psalm 95

 

Geef alle ruimte aan de liefde,

in haar leeft God zich naar ons toe.

Vergeef het kwaad van wie u griefde,

de liefde wordt een mens niet moe.

Zij zal de dood nog overwinnen,

geen water blust haar vuren uit.

Zij blijft ons tot elkander keren,

tot alle angst is uitgeluid.

 

Hoe zal een mens ooit overleven,

wat moet hij aan met eeuwigheid?

Door liefde wordt het ons gegeven

voorbij te zien aan dood en tijd.

Want wie vandaag weet te beminnen,

denkt niet: “Hoe zal het morgen zijn”?

Het wordt een steeds weer nieuw beginnen,

tot wij voorgoed geborgen zijn.

 

Welkomstwoord

 

Ontsteken der kaarsen

 

Lied: Licht dat ons aanstoot in de morgen

T. Huub Oosterhuis; m. Antoine Oomen

 

Licht dat ons aanstoot in de morgen,

voortijdig licht waarin wij staan

koud, één voor één, en ongeborgen,

licht overdek mij, vuur mij aan.

Dat ik niet uitval, dat wij allen

zo zwaar en droevig als wij zijn

niet uit elkaars genade vallen

en doelloos en onvindbaar zijn.

 

Licht, van mijn stad de stedehouder,

aanhoudend licht dat overwint.

Vaderlijk licht, steevaste schouder,

draag mij, ik ben jouw kijkend kind.

Licht, kind in mij, kijk uit mijn ogen

of ergens al de wereld daagt

waar mensen waardig leven mogen

en elk zijn naam in vrede draagt.

 

Alles zal zwichten en verwaaien

wat op het licht niet is geijkt.

Taal zal alleen verwoesting zaaien

en van ons doen geen daad beklijft.

Veelstemmig licht, om aan te horen

zolang ons hart nog slagen geeft.

Liefste der mensen, eerstgeboren,

licht, laatste woord van Hem die leeft.

 

Ter nagedachtenis aan Frits

Wies van Well-Wobbe

 

Kyrie-litanie

Heer ontferm U; Christus ontferm U; Heer ontferm U.

 

Gebed

 

Eerste lezing: Fil. 4, 4-7

 

Broeders en zusters, verheugt u in de Heer te allen tijde. Nog eens: verheugt u ! Uw vriendelijkheid moet bij alle mensen bekend zijn. De Heer is nabij. Weest onbezorgd. Laat al uw wensen bij God bekend worden in gebed en smeking en nooit zonder dankzegging. En de vrede van God die alle begrip te boven gaat zal uw harten en gedachten behoeden in Christus Jezus.

 

Tussenzang: Psalm 23

 

Refrein:

Want mijn herder is de Heer, nooit zal er mij iets ontbreken.

 

Mijn herder is de Heer: het ontbreekt mij aan niets.

Hij legt mij in grazige weiden, Hij geeft rust aan mijn ziel,

Hij leidt mij naar rustige waat'ren om mijn ziel te verkwikken.

 

Hij leidt mij in het rechte spoor omwille van zijn Naam.

Al moet ik door donkere dalen, ik vrees geen kwaad.

Uw staf en uw stok zijn mijn troost, Gij zijt steeds bij mij.

 

Gij bereidt voor mij een tafel voor het oog van mijn vijand.

Gij zalft met olie mijn hoofd en mijn beker vloeit over.

 

Mij volgen uw heil en uw mildheid al de dagen van mijn leven.

In het huis van mijn Heer wil ik wonen tot in lengte van dagen.

 

Alleluia

 

Alleluia. . . (2x)

            Dit ene weten wij en aan dit één

            houden wij ons vast in de duistere uren:

            er is een Woord, dat eeuwiglijk zal duren,

            en wie ’t verstaat, die is niet meer alleen

            (Henriëtte Roland Holst-van der Schalk)

Alleluia

 

Evangelie: Joh. 21, 15-18

 

Toen ze gegeten hadden, sprak Jezus Simon Petrus aan: ‘Simon, zoon van Johannes, heb je mij lief, meer dan de anderen hier?’ Petrus antwoordde: ‘Ja, Heer, u weet dat ik van u houd.’ Hij zei: ‘Weid mijn lammeren.’ Nog eens vroeg hij: ‘Simon, zoon van Johannes, heb je me lief?’ Hij antwoordde: ‘Ja, Heer, u weet dat ik van u houd.’ Jezus zei: ‘Hoed mijn schapen,’ en voor de derde maal vroeg hij hem: ‘Simon, zoon van Johannes, houd je van me?’ Petrus werd verdrietig omdat hij voor de derde keer vroeg of hij van hem hield. Hij zei: ‘Heer, u weet alles, u weet toch dat ik van u houd.’ Jezus zei: ‘Weid mijn schapen. Waarachtig, ik verzeker je: toen je jong was deed je zelf je gordel om en ging je waarheen je wilde, maar wanneer je oud wordt zal een ander je handen grijpen, je je gordel omdoen en je brengen waar je niet naartoe wilt.’

 

Acclamatie

U komt de lof toe, U het gezang, U alle glorie, o Vader, o Zoon, o heilige Geest, in alle eeuwen der eeuwen.

 

Overweging

 

Verrijzenis (Frits Wobbe)

 

Ik voel in me iets van ’n intens medelijden met de lijdende mens,

iets van één willen zijn in solidariteit, in liefde,

in aanvaarden en volharden met zóvelen…

Zoals Maria Magdalena bij het graf…zij was er het eerste bij.

Ze roept Petrus en Johannes, maar die gaan – niet begrijpend – naar huis.

Zíj geeft niet op. Ze mag haar verdriet beleven, ervaren,

ze kan niet anders dan huilen totdat Jezus haar verschijnt –

omdat Hij haar liefheeft, omdat haar verdriet ruimte maakt voor de ontroering van de verrijzenis.

Daar is geen leeg graf meer, geen woorden die leeg zijn…

Daar was Iemand – Hij – en “Hij kent me bij mijn naam – Hij houdt van mij.”

 

Meditatieve muziek

Pascal Allouis: fluit

Voorbeden

Refrein: Heer, onze God, wij bidden U verhoor ons.

 

Lied: Zo vriendelijk en veilig als het licht

 

Zo vriendelijk en veilig als het licht

zoals een mantel om mij heen geslagen

zo is mijn God, ik zoek zijn aangezicht

ik roep zijn naam, bestorm hem met mijn vragen,

dat Hij mij maakt, dat Hij mijn wezen richt.

Wil mij behoeden en op handen dragen.

 

Want waar ben ik, als Gij niet wijd en zijd

waakt over mij en over al mijn gangen.

Wie zou ik worden, waart Gij niet bereid

om, als ik val, mij telkens op te vangen.

Ik leef niet echt, als Gij niet met mij zijt.

Ik moet in lief en leed naar U verlangen.

 

Spreek Gij het woord dat mij vertroosting geeft,

dat mij bevrijdt en opneemt in uw vrede.

Ontsteek die vreugde die geen einde heeft,

wil alle liefde aan uw zoon besteden.

Wees Gij vandaag mijn brood, zowaar Gij leeft -

Gij zijt toch zelf de ziel van mijn gebeden.

 

Gebed over de gaven (H. Ignatius)

Neem. Heer, en aanvaard heel mijn vrijheid, mijn geheugen, mijn verstand en heel mijn wil, alles wat ik heb en bezit. U hebt het mij gegeven, aan U, Heer, geef ik het terug. Alles is van U, beschik erover geheel volgens uw wil. Geef dat ik U mag liefhebben, die genade is mij genoeg. Door Christus onze Heer. Amen.

 

Prefatie van de overledenen

 

Heilig
Heilig, heilig, heilig de Heer, de God der hemelse machten. Vol zijn hemel en aarde van uw heerlijkheid. Hosanna in den hoge. Gezegend Hij die komt in de naam des Heren. Hosanna in den hoge.

 

Eucharistisch gebed V

 

Acclamatie: Als wij dan eten van dit brood en drinken uit deze beker, verkondigen wij de dood des Heren totdat Hij komt.

 

Onze Vader

 

Gebed om vrede

 

Lam Gods

Lam Gods, dat wegneemt de zonden der wereld, ontferm U over ons. (2x). Lam Gods, dat wegneemt de zonden der wereld, geef ons de vrede.

 

Communie en meditatieve muziek

Pascal Allouis: fluit

 

Lied na de communie: Klein Danklied 

 

Gij hebt, o God, dit broze bestaan gewild,

Hebt boven ’t nameloze mij uitgetild.

 

Laat mij dan dankbaar leven de volle tijd,

geborgen in de bevende zekerheid,

 

Dat ik niet uit dit smal en onvast bestand
van mijn bestaan zal vallen dan in uw hand.

 

Slotgebed (Frits Wobbe)

Heer, ik stel mij open voor uw woord.

Houd niet op het mij ook nu weer toe te spreken.

Open mijn oren dat ik bij de minste klank meegeef.

Dan hoef ik niet bezorgd te zijn of bang dat ik te kort zal schieten of te kort zal komen in doen en dienen.

Dan zal uw woord ook wel in mij uitwerken wat U behaagd.

O, Woord, kom in me, neem bezit van me, vorm me en breng me terug naar het hart waar Gij uit voortkomt.

Dan zal ook door mij vreugde komen, gerechtigheid, vrede.

Door Christus onze Heer. Amen

 

Roeping (Frits Wobbe)

Anne Criado

 

Sinds mijn zestiende weten:

ik móet liefhebben

er is geen andere weg

daarbuiten is alles zinloos

 

en tegelijkertijd weten:

 

mijn eigen behoefte aan vriendschap en liefde

mijn eigen verlangen naar tederheid

is onverzadigbaar

 

mijn leven zal staan in het teken van dat weten

 

en nóg iets weet ik heel zeker:

dat het bij alle mensen niet anders is

en toch…

 

Dankwoord

 

Absoute

 

Zusters en broeders, om de laatste eer te brengen aan deze mens, om recht te doen aan zijn leven en sterven, staan wij hier rondom het dode lichaam dat ons van hem is overgebleven.

Wij houden onze ogen gericht op het kruis van Jezus Christus en wij spreken uit, in tastend geloof, dat dit het einde niet is, dat onze God een God van levenden is.

 

Meer dan zijn lichaam is ons de naam van deze mens gebleven:

Frits Wobbe

 

Die naam spreken wij hier uit, met eerbied en genegenheid, en wij bidden: Heer God, herinner U zijn naam, die hij van mensen heeft ontvangen en waarin hij gekend wordt, ook al is hij gestorven; de naam die Gij geschreven hebt in de palm van uw hand.

Ten teken van onze hoop dat God aan deze mens en aan ons allen een nieuw en onsterfelijk lichaam zal geven en om te getuigen van ons geloof in de verrijzenis,  zegen ik dit dode lichaam met water en wierook.

 

Zegening met water en wierook

 

Laat ons nu gaan in vrede, om hem, die wij in dit uur voor het laatst in ons midden mochten hebben, weg te dragen naar zijn graf. Wij geven hem uit handen, wij leggen hem neer in de aarde, in de handen van de levende God, in de naam van de Vader en de Zoon en de heilige Geest. Mogen onze gebeden hem vergezellen.

 

Uittocht met ‘In paradisum’

 

In paradisum deducant te angeli

In tuo adventu suscipiant te martyres.

Et perducant te in civitatem sanctam Jerusalem.

Chorus angelorum te suscipiat,

Et cum Lazaro quondam paupere

Aeternam habeas requiem.

 

De engelen mogen u geleiden naar het paradijs.

De martelaren mogen u ontvangen bij uw komst

en u brengen naar de heilige stad Jeruzalem.

Het koor der engelen moge u welkom heten

en met de eens zo arme bedelaar Lazarus

moge U de eeuwige rust genieten.